Lichaamstaal: 10 cruciale fouten

Gepost op 19/05/2014

Denk eraan, op een sollicitatiegesprek overtuig je niet alleen door mondig en zelfverzekerd uit de hoek te komen, ook je handen en voeten spreken boekdelen. Welke fouten mag je niet maken als je een goeie eerste indruk wil maken?

1. Gekruiste armen: een absolute dooddoener. Hiermee geef je immers een defensieve houding aan. Je gesprekspartner kan eruit opmaken dat je niet openstaat voor een constructief gesprek of dat je je door bepaalde vragen in de hoek voelt gedrumd.

2. Afwijkend oogcontact: wanneer je voortdurend je blik afwendt van je gesprekspartner kan dat betekenen dat je onzeker bent. Hou dus zoveel als mogelijk oogcontact en doet dat met een ontspannen blik, net alsof je glimlacht.

3. Zitten wiebelen op je stoel: het is erg moeilijk om rust in een gesprek te krijgen wanneer je voortdurend heen en weer zit te wiebelen op je stoel. Probeer dan ook een beheerste houding aan te nemen. Uiteraard mag je bewegen maar laat niet uitschijnen dat zulks gebeurt omdat je vergaat van de zenuwen.

4. Over je gezicht zitten wrijven: toegegeven, je kan wel eens een vuiltje in je oog hebben maar wanneer je tijdens een gesprek voortdurend over één van de delen van je gezicht wrijft (neus, voorhoofd, wangen, kin, ...) dan geef je aan dat je erg op je ongemak bent. Niet ideaal voor de zelfzekere m/v waarnaar de rekruteerder op zoek is.

5. Zitten wriemelen met de spullen van je gesprekspartner: ken je dat moment dat je op restaurant bent en in afwachting van een lekker maal met het dessertlepeltje speelt? Op een date kan zoiets charmant overkomen, tijdens een sollicitatiegesprek is het uit den boze. Laat dus pennen, memo's en andere loszittende voorwerpen op het bureau van je gesprekspartner voor wat ze zijn.

6. Achterover leunen/onderuit zakken: thuis voor de buis kan het geen kwaad, maar tijdens een sollicitatiegesprek kan je maar beter rechtop zitten, met je rug tegen de leuning van de stoel. Anders kan de rekruteerder daaruit misschien afleiden dat je het allemaal wat laat hangen of misschien te zeker bent van je stuk. Geen van beide houdingen maakt doorgaans een positieve indruk.

7. Flauwe/koude handdruk: je eerste indruk maak je doorgaans met een handdruk. Maak er een zelfverzekerde handdruk van en kijk je gesprekspartner recht in de ogen.

8. Een stressvolle blik: wanneer je angstig kijkt, gaan zowel jij als je gesprekspartner zich ongemakkelijk voelen. Een lachend gezicht creëert onmiddellijk een ontspannen sfeer. Denk eraan, een sollicitatiegesprek is niet het einde van de wereld. Maak jezelf dus niet al te nerveus.

9. Te drukke gebaren: hetgeen je zegt kracht bijzetten met een gebaar is heel positief. Het geeft aan dat je drive en overtuiging hebt. Overdrijf echter niet en vermijd om je armen ongecontroleerd in het rond te zwaaien. Anders bereik je net het tegenovergestelde effect.

10. Je ogen tot spleetjes knijpen: wanneer je dat doet, geef je eigenlijk aan dat je het zaakje niet vertrouwt. Lastig voor jezelf maar nog veel lastiger voor de rekruteerder.

Pascal Dewulf