Drie zaken die je moet weten over het mobiliteitsbudget

Gepost op 26/09/2018

Vanaf 1 oktober eerstkomend kan je er als werknemer onder bepaalde voorwaarden allicht voor opteren om je bedrijfswagen in te ruilen voor een mobiliteitsbudget. Wat moet je daarvan weten?

Eerder wezen we al op de cash for car-regeling en de voorwaarden die daarvoor gelden. Daarnaast komt er op 1 oktober allicht ook de mogelijkheid om soms te opteren voor een mobiliteitsbudget. Het wetsontwerp daaromtrent werd al goedgekeurd door de ministerraad. Het moet nog wel gestemd worden in het parlement. Wat moet je ervan weten?

Wat is het?

Als je als werknemer je bedrijfswagen inruilt, kan je een mobiliteitsbudget krijgen. Hetzelfde geldt als je als werknemer geen bedrijfswagen hebt, maar er wel voor in aanmerking komt.  De hoogte van het budget hangt af van de reële kost van de bedrijfswagen die je inruilde.

Je kan het budget dat je op die manier krijgt besteden in drie verschillende pijlers. Vooreerst kan je het gebruiken voor een milieuvriendelijkere auto. Je kan daarnaast het budget ook aan een duurzaam transportmiddel (zoals een elektrische fiets, een elektrische motorfiets, …) of aan het openbaar vervoer besteden. Het restsaldo kan je uitbetaald krijgen in loon. Dat is dan vrijgesteld van belastingen, maar er moeten wel socialezekerheidsbijdragen op betaald worden.

Het is niet verplicht

Je werkgever is niet verplicht om je de mogelijkheid te bieden om te opteren voor een mobiliteitsbudget. Hij kan –als hij het aanbiedt- er ook voorwaarden aan koppelen. Zo zou hij bijvoorbeeld kunnen beslissen dat werknemers pas in aanmerking komen als hun lopende leasingcontract ten einde komt. Biedt je werkgever je de mogelijkheid om te kiezen voor een mobiliteitsbudget dan ben je nog niet verplicht om daar ook effectief op in te gaan. Je kan beslissen om toch je bedrijfswagen te behouden en die niet in te ruilen.

Er zijn voorwaarden

De nieuwe regeling geeft een aantal voorwaarden aan waaraan –enkele uitzonderingen niet te na gesproken- moet worden voldaan opdat het mobiliteitsbudget kan worden toegepast. Zo moet je werkgever op het moment dat de maatregel wordt ingevoerd al minstens 3 jaar ononderbroken bedrijfswagens aanbieden. Als werknemer moet je minstens 3 maanden ononderbroken over een bedrijfswagen beschikken of daarvoor in aanmerking komen. Verder moet je tijdens de 3 jaar voorafgaand aan de aanvraag minstens 1 jaar over een bedrijfswagen beschikken of beschikt hebben of daarvoor in aanmerking komen of gekomen zijn.

Jan Roodhooft, advocaat